Alles over jouw lichaam

Categorie: Kanker

Baarmoederhalskanker

Het cervixcarcinoom (baarmoederhalskanker) is een van de weinige kankersoorten waarvan de voorstadia precies bekend zijn. Voordat er nog maar één kankercel aanwezig is, ondergaan de cellen in de wand van de cervix abnormale veranderingen. Deze veranderingen kunnen worden opgespoord met de Papanicolaou-test (de PAP-test). De arts heeft hiervoor een celmonster uit de cervix nodig. Dit uitstrijkje van cellen wordt met behulp van een kleurmethode onder de microscoop bekeken op de verkleuringsgraad.

De bevinding wordt ingedeeld in één van de vijf PAP-codes:

PAP-I: Er zijn louter normale cellen gevonden.
PAP-II: Er zijn cellen die alleen duiden op infectie.
PAP-III: Er is sprake van matige dysplasie (misvormde celgroei).
PAP-IV: Er is sprake van hevige dysplasie en verdachte cellen.
PAP-V: Er zijn carcinome (kwaadaardige woekeringen) cellen aangetroffen.

Er zijn twee hoofdtypen van kwaadaardige gezwellen: het squameuze (schubvormige) en adenocarcinome (kliervormige) type. Ongeveer 90% van de cervicale tumoren bestaat uit squameuze cellen, nog geen 10% van de tumoren is adenocarcinoom, terwijl de rest uit een mengeling van deze twee soorten bestaat. Squameuze kankercellen komen het meest voor en zijn vermoedelijk het resultaat van processen die tijdens de geslachtsgemeenschap plaatsvinden, zoals de overdracht van een infectieveroorzakend micro-organisme in de cervix. Recent Amerikaans onderzoek heeft uitgewezen dat een stam van het humaan papillomavirus de oorzaak zou kunnen zijn.

Er zijn 45 verschillende stammen van het humaan papillomavirus, maar in 90% van de gevallen van het squameuze type cervixcarcinoom heeft men sporen aangetroffen van het HPV16-virus, dat in 50% tot 70% van de gevallen ook aanwezig was bij vrouwen in het voorstadium van het cervixcarcinoom. De oorzaak van het adenocarcinoom is onbekend. Alle vrouwen zijn vatbaar voor het cervixcarcinoom. Aangezien er geen klachten zijn tijdens het voorstadium, is de vijfjaarlijkse PAP-test erg belangrijk. Als deze kankersoort niet behandeld wordt, kunnen de kankercellen uitzaaien naar de omringende organen in het bekken en via de lymfeknopen naar andere vitale organen, zoals de longen, hersenen, lever en botten. Meestal wordt cervixcarcinoom bestreden door een operatieve verwijdering van de hele uterus (baarmoeder en -hals), soms ondersteund met bestraling. De genezingsvooruitzichten zijn goed als de behandeling in een vroeg stadium van de woekering kan plaatshebben.

Endometrium
De term endometrium is het Latijnse woord voor baarmoederslijmvlies. Het uteruscarcinoom (baarmoederkanker) ontstaat meestal in dit slijmvlies en wordt daarom ook wel endometriumcarcinoom genoemd. Uteruscarcinoom komt vooral voor bij vrouwen die een teveel aan het hormoon oestrogeen hebben.

Hier volgen enkele factoren waardoor een verhoogd oestrogeengehalte kan ontstaan en de kans op uteruscarcinoom ook kan toenemen:

1. Kinderloosheid.
2. Abnormale vaginale bloedingen.
3. Langdurig hormoongebruik (oestrogeen), als dit niet is gecompenseerd met progestagenen.
4. Ernstig overgewicht.
5. Baarmoederpoliepen.

Een tumor in de uterus gaat meestal niet gepaard met klachten. Hoewel er in sommige gevallen sprake is van onregelmatig bloedverlies, wordt dat vaak aangezien voor een onregelmatigheid in de menstruatiecyclus. Daarom is het verstandig om iedere ongewone bloeding aan de huisarts te melden. Bij minder dan de helft van de patiënten met uteruscarcinoom wordt dit ontdekt naar aanleiding van de PAP-test (Papanicolaou-test). Daarom wordt de diagnose pas gesteld na een biopsie, waarbij een monster van het baarmoederslijmvlies wordt genomen voor laboratoriumonderzoek.

Voor de behandeling is meestal een operatie nodig waarbij de uterus wordt verwijderd, een ingreep die uterusextirpatie of hysterectomie wordt genoemd. Is de ziekte in een vroeg stadium van de kankerwoekering ontdekt, dan verschaft de operatie een overlevingskans na vijf jaar van 75% tot 85%. In geval van uitzaaiingen wordt de patiënt behandeld met bestraling en eventueel met chemotherapie. Het gebruik van de pil blijkt de kans op uteruscarcinoom te verminderen.

Meer info over baarmoederhalskanker

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*