Alles over jouw lichaam...

Categorie: Hormonaal

Bijnieren

Dit zijn dubbele organen, te onderscheiden in twee delen: de schors aan de buitenkant en het merg aan de binnenkant. Er zijn twee bijnieren; deze geelbruine driehoekige klieren liggen direct aan de bovenzijde van de nieren en wegen samen ongeveer 15 g. Onder de microscoop blijkt bij doorsnede van de klier de schors uit lichtgekleurde cellen te bestaan, die rijkelijk vet bevatten; daarbij is de schors in drie zones te verdelen. Aan de buitenkant liggen de cellen in ronde groepen, daaronder ligt een laag cellen in zuiltjes, die loodrecht op het oppervlak staan, terwijl de derde en onderste laag een onregelmatige opbouw vertoont.

Het bijniermerg bevat grote, in zuilen gerangschikte cellen die adrenaline en noradrenaline produceren, stoffen die zorgen voor de werking van het sympathische zenuwstelsel. Tot ditzelfde systeem behoren cellen in de hypothalamus, in het ruggenmerg en in een keten (de zogenaamde grensstreng) die langs de zijden van de wervelkolom loopt. De zenuwen die noradrenaline vrijgeven, werken op het hart, bloedvaten, darm, blaas en in het algemeen op alle gladde spieren. Noradrenaline veroorzaakt een verhoging van de bloeddruk, versnelling van de pols, vernauwing van de bloedvaten, een beperking van de activiteit van blaas- en darmmusculatuur, verwijding van de pupil en verhoging van de bloedsuikerspiegel; dit alles ter voorbereiding op een aanstaande krachtsontplooiing (‘vecht- of vluchtreactie’).

Adrenaline en noradrenaline hebben niet hetzelfde effect; het eerste heeft meer een remmende werking (bijvoorbeeld op blaas en darm) terwijl het tweede meer de bloeddruk verhoogt en de arteriolen vernauwt. Daarbij wordt de huid bleek (ten gevolge van de vernauwing van de bloedvaten) en ontstaat kippenvel (door prikkeling van de gladde spiertjes aan de haarzakjes). Verder breekt het zweet uit; dit wordt veroorzaakt door acetylcholine, een stof die een rol speelt bij het overbrengen van zenuwimpulsen op de willekeurige spieren en daarnaast ook op de gladde musculatuur werkt op een manier die min of meer tegengesteld is aan de werking van de bijnierhormonen.

Acetylcholine is in feite de werkzame stof van het parasympathische zenuwstelsel; het komt vrij uit de parasympathische zenuweinden van alle gladde spieren van het lichaam.
De bijnierschors vormt een aantal voor het leven onmisbare hormonen, de corticosteroïden, waarvan aldosteron en hydrocortison de twee belangrijkste zijn. Aldosteron regelt de hoeveelheid zout en water in het lichaam; hydrocortison regelt de koolhydraat-, eiwit- en vetstofwisseling, en stimuleert de lichaamsfuncties wanneer bijzondere krachtsinspanningen nodig zijn.

Afname van de bijnierfunctie leidt tot zwakte, moeheid en gewichtsverlies (ten gevolge van een daling van de bloedsuikerspiegel en een te geringe vorming van nieuw weefsel), lage bloeddruk (ten gevolge van gebrek aan zout en water en een verminderd bloedvolume), uitvallen van de lichaamsbeharing en gebrek aan weerstand. Daarnaast ontstaat nog een pigmentering van de huid, omdat de a.c.t.h.-secretie van de hypofyse toeneemt om het te lage gehalte aan corticosteroïden in het bloed te compenseren (a.c.t.h. stimuleert de vorming van melanine in de pigmentcellen van de huid). Een verhoogde activiteit van de bijnierschors – vaak berustend op een tumor in de bijnier, soms ook ten gevolge van een tumor in de hypofyse – leidt tot de ziekte van Cushing (zie Cushing-syndroom).

Hierbij heeft de patiënt dunne ledematen (omdat het eiwit van de spieren wordt afgebroken tot suiker) een omvangrijke romp (omdat daar de suiker wordt omgezet in vet), een rond gezicht (‘vollemaansgezicht’), overvloedige lichaamsbeharing (overproductie van mannelijke hormonen), diabetes (verhoging van de bloedsuikerspiegel bij onvoldoende productie van insuline) en hoge bloeddruk (door een teveel aan aldosteron, dat zout en water in het lichaam vasthoudt en het bloedvolume vermeerdert).
Behalve cortison worden ook enkele andere corticosteroïden synthetisch vervaardigd, waaronder enkele geheel kunstmatige, die nog sterker werken dan aldosteron en hydrocortison; bijvoorbeeld prednison, dat onder andere wordt toegepast ter onderdrukking van immuniteitsreacties zoals bij de behandeling van auto-immuunziekten en fluorcortison, dat een sterk zoutretinerende (zoutvasthoudende) werking heeft.

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*