Alles over jouw lichaam

Soorten hechtingen

Soorten hechtingen
Een hechting bestaat uit een of meerdere steken. Ze worden gebruikt om twee weefselgebieden samen te brengen. Hechtingen worden doorgaans gebruikt om een wond of een chirurgische incisie te sluiten en om genezing te bevorderen. Verschillende hechttechnieken kunnen worden gebruikt, afhankelijk van de aard en vorm van de incisie of wond. Sommige hechtingen zijn absorbeerbaar, wat betekent dat de hechtingen op den duur, wanneer de wond heelt, worden geabsorbeerd door het gezonde omringende weefsel. Catgut, dat verkregen wordt van schapendarmen, is een populair absorbeerbaar materiaal. Niet-absorbeerbare hechtingen moeten worden verwijderd nadat de wond genezen is. Deze worden over het algemeen gemaakt van draden van zijde, katoen of linnen, plastic, en amalgaam staaldraad. Deze materialen variëren nogal wat betreft behoud van sterkte, de reactie die ze veroorzaken in de weefsels, en de kans dat ze een infectie zullen laten ontstaan.

Het type chirurgische naald dat gebruikt wordt voor hechtingen is meestal een gebogen naald met een punt en een snijdende zijde. De naald wordt vastgehouden met een pincetachtig instrument en wordt geplaatst op de huidranden om er vervolgens doorheen te worden getrokken.

hechtingen

hechtingen

Absorbeerbaar

Absorbeerbare hechtingen worden gemaakt van steriele weefseldraden die verkregen worden uit gezonde dieren. Deze draden worden na verloop van tijd geabsorbeerd door het omringende levende weefsel en zijn dientengevolge niet permanent. De draden zijn in verschillende diameters en sterkten verkrijgbaar, kunnen behandeld worden met kleurstof zodat ze minder zichtbaar zijn en kunnen ook behandeld worden zodat de snelheid waarmee ze geabsorbeerd worden variabel is. Een catgut-hechting is een van de meest voorkomende soorten absorbeerbare hechtingen. Het hechtmateriaal wordt verkregen uit de dunne darm van schapen.

Buidelhechting

Een buidelhechting is een chirurgische hechting die toegepast wordt als een doorlopende steek (ononderbroken en omkerend) langs de rand van een ronde wond, net als bij een buidelkoord, vandaar de naam. Als de uiteinden bij elkaar komen, in een ronde vorm, worden ze strak aangetrokken en wordt de wond gesloten als een buidel. Deze hechtmethode wordt gebruikt om het einde van de blindedarmstomp of een hernia te sluiten.

Connell-hechting

De hechting van Connell is een variatie op de ononderbroken hechting. Bij een ononderbroken hechting worden de tussenliggende hechtingen niet geknoopt. De hechting wordt alleen maar vastgehouden door een knoop aan het begin en het eind van de lengte van de hechting. De Connell-methode keert ook de tegenoverliggende kanten om. De hechting van Connell wordt meestal gebruikt bij het omkeren van de maag- of darmwanden tijdens een anastomose (kunstmatige of natuurlijke verbinding van delen van het spijsverteringsstelsel).

Cushing-hechting

Een Cushing-hechting is een ononderbroken, omkerende hechting die vooral gebruikt wordt bij buikchirurgie. De hechting is een doorlopende horizontale hechting, waarbij een dubbele steek wordt gebruikt die een lus vormt rond het weefsel aan beide kanten van de wond. De hechting gaat door de dunne spierlagen (seromusculaire lagen) van het maag-darmkanaal (tractus gastro-intestinalis).

Dekenhechting

Een dekenhechting is een ononderbroken, zelfsluitende steek die erg veel lijkt op de dekensteek die bij borduren wordt gebruikt. Hij wordt ook sluitsteekhechting genoemd omdat een ononderbroken sluitsteek gebruikt wordt om de huid van een wond te sluiten.

Halstead-hechting

De Halstead-hechting is een onderbroken, omkerende steek die geplaatst wordt door de onderhuidse peesvliezen en die parallel loopt aan de wond. De hechting wordt aan een kant geknoopt. Een onderbroken hechting is een enkele, omkerende steek waarbij de uiteinden aan elkaar geknoopt worden.

Knoophechting

De knoophechting is een methode waarbij de uiteinden van de draad door de ogen van een kleine schijf (knoop) gehaald worden om vervolgens geknoopt te worden. De knopen voorkomen dat de uiteinden door de spanning van de hechting door het weefsel getrokken worden en zo in het vlees snijden.

Lembert-hechting

De Lembert-hechting wordt over het algemeen gebruikt bij buikchirurgie. Het is een omkerende hechting, die zowel onderbroken als ononderbroken kan zijn en die gebruikt wordt om twee delen van een darmkanaal te verbinden zonder het lumen binnen te dringen.

Onderbroken hechting

Een onderbroken hechting is een serie enkele, omkerende hechtingen die afzonderlijk geknoopt worden over de lengte van de hechting. De naald wordt in een huidrand ingebracht, door de hele diepte van de wond gehaald en komt er aan de andere huidrand weer uit. Elke hechting wordt dan aan de zijkant geknoopt met een platte knoop.

Ononderbroken hechting

Een ononderbroken hechting is een spiraalvormige hechting die over de hele lengte van de wond loopt met maar twee verankerende knopen, aan het begin en aan het eind.

Retentiehechting

Retentiehechtingen, ook wel permanente hechtingen genoemd, zijn erg grote hechtingen die gebruikt worden naast kleinere huidhechtingen. Ze hechten niet alleen onderliggend vet- en spierweefsel maar ook de huid en worden gebruikt om incisies te ondersteunen bij zwaarlijvige mensen of wanneer het genezingsproces lang duurt. Men laat de hechtingen vaak veertien tot twintig dagen zitten. Om te voorkomen dat deze grote hechtingen de incisie gaan irriteren kan er een rubberen tubing overheen, of een gaasrol onderdoor geplaatst worden, die dan langs de hele incisielijn loopt.

Schoenmakershechting

Een schoenmakershechting is een dubbelverstevigde hechting met een naald aan beide uiteinden van de draad. Schoenmakers gebruiken deze methode ook bij het maken van schoenen, vandaar de naam.

Nog geen reacties geplaatst, wees de eerste.



Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*